begrijpen
A1 Een ander werkwoord vervoegen →Onregelmatig werkwoord · hulpwerkwoord hebben
Aantonende wijs Οριστική
Onvoltooid tegenwoordige tijdΕνεστώταςA1
- ik begrijp
- jij begrijpt
- u begrijpt
- hij/zij/het begrijpt
- wij begrijpen
- jullie begrijpen
- zij begrijpen
Voltooid tegenwoordige tijdΣύνθετος παρελθοντικός χρόνοςA1
- ik heb begrepen
- jij hebt begrepen
- u hebt begrepen
- hij/zij/het heeft begrepen
- wij hebben begrepen
- jullie hebben begrepen
- zij hebben begrepen
Onvoltooid verleden tijdΑόριστοςA2
- ik begreep
- jij begreep
- u begreep
- hij/zij/het begreep
- wij begrepen
- jullie begrepen
- zij begrepen
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijdΜέλλονταςA2
- ik zal begrijpen
- jij zult begrijpen
- u zult begrijpen
- hij/zij/het zal begrijpen
- wij zullen begrijpen
- jullie zullen begrijpen
- zij zullen begrijpen
Voltooid verleden tijdΥπερσυντέλικοςB1
- ik had begrepen
- jij had begrepen
- u had begrepen
- hij/zij/het had begrepen
- wij hadden begrepen
- jullie hadden begrepen
- zij hadden begrepen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijdΣυντελεσμένος μέλλονταςB2
- ik zal begrepen hebben / zal hebben begrepen
- jij zult begrepen hebben / zult hebben begrepen
- u zult begrepen hebben / zult hebben begrepen
- hij/zij/het zal begrepen hebben / zal hebben begrepen
- wij zullen begrepen hebben / zullen hebben begrepen
- jullie zullen begrepen hebben / zullen hebben begrepen
- zij zullen begrepen hebben / zullen hebben begrepen
In de grammaticagids: Onvoltooid tegenwoordige tijd · Voltooid tegenwoordige tijd
Voorwaardelijke wijs Δυνητική
Onvoltooid verleden toekomende tijdΔυνητική ενεστώταB1
- ik zou begrijpen
- jij zou begrijpen
- u zou begrijpen
- hij/zij/het zou begrijpen
- wij zouden begrijpen
- jullie zouden begrijpen
- zij zouden begrijpen
Voltooid verleden toekomende tijdΔυνητική παρελθόντοςB2
- ik zou begrepen hebben / zou hebben begrepen
- jij zou begrepen hebben / zou hebben begrepen
- u zou begrepen hebben / zou hebben begrepen
- hij/zij/het zou begrepen hebben / zou hebben begrepen
- wij zouden begrepen hebben / zouden hebben begrepen
- jullie zouden begrepen hebben / zouden hebben begrepen
- zij zouden begrepen hebben / zouden hebben begrepen
Gebiedende wijs Προστακτική
In de grammaticagids: Gebiedende wijs
Infinitief en deelwoord Απαρέμφατο και μετοχές
InfinitiefΑπαρέμφατοA1
- begrijpen
Voltooid deelwoordΜετοχή παρακειμένουA1
- begrepen
In de grammaticagids: Voltooid deelwoord
onregelmatige vorm