Kardamone
Professeurs S’inscrire

opnemen

A2 Een ander werkwoord vervoegen →

Onregelmatig werkwoord · hulpwerkwoord hebben · vervoegd als nemen

Aantonende wijs Indicatif

Onvoltooid tegenwoordige tijdPrésentA1

  • ik neem op
  • jij neemt op
  • u neemt op
  • hij/zij/het neemt op
  • wij nemen op
  • jullie nemen op
  • zij nemen op
Deze tijd oefenen

Voltooid tegenwoordige tijdPassé composéA1

  • ik heb opgenomen
  • jij hebt opgenomen
  • u hebt opgenomen
  • hij/zij/het heeft opgenomen
  • wij hebben opgenomen
  • jullie hebben opgenomen
  • zij hebben opgenomen
Deze tijd oefenen

Onvoltooid verleden tijdPrétéritA2

  • ik nam op
  • jij nam op
  • u nam op
  • hij/zij/het nam op
  • wij namen op
  • jullie namen op
  • zij namen op
Deze tijd oefenen

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijdFutur simpleA2

  • ik zal opnemen
  • jij zult opnemen
  • u zult opnemen
  • hij/zij/het zal opnemen
  • wij zullen opnemen
  • jullie zullen opnemen
  • zij zullen opnemen
Deze tijd oefenen

Voltooid verleden tijdPlus-que-parfaitB1

  • ik had opgenomen
  • jij had opgenomen
  • u had opgenomen
  • hij/zij/het had opgenomen
  • wij hadden opgenomen
  • jullie hadden opgenomen
  • zij hadden opgenomen
Deze tijd oefenen

Voltooid tegenwoordige toekomende tijdFutur antérieurB2

  • ik zal opgenomen hebben / zal hebben opgenomen
  • jij zult opgenomen hebben / zult hebben opgenomen
  • u zult opgenomen hebben / zult hebben opgenomen
  • hij/zij/het zal opgenomen hebben / zal hebben opgenomen
  • wij zullen opgenomen hebben / zullen hebben opgenomen
  • jullie zullen opgenomen hebben / zullen hebben opgenomen
  • zij zullen opgenomen hebben / zullen hebben opgenomen
Deze tijd oefenen

In de grammaticagids: Onvoltooid tegenwoordige tijd · Voltooid tegenwoordige tijd

Voorwaardelijke wijs Conditionnel

Onvoltooid verleden toekomende tijdConditionnel présentB1

  • ik zou opnemen
  • jij zou opnemen
  • u zou opnemen
  • hij/zij/het zou opnemen
  • wij zouden opnemen
  • jullie zouden opnemen
  • zij zouden opnemen
Deze tijd oefenen

Voltooid verleden toekomende tijdConditionnel passéB2

  • ik zou opgenomen hebben / zou hebben opgenomen
  • jij zou opgenomen hebben / zou hebben opgenomen
  • u zou opgenomen hebben / zou hebben opgenomen
  • hij/zij/het zou opgenomen hebben / zou hebben opgenomen
  • wij zouden opgenomen hebben / zouden hebben opgenomen
  • jullie zouden opgenomen hebben / zouden hebben opgenomen
  • zij zouden opgenomen hebben / zouden hebben opgenomen
Deze tijd oefenen

Gebiedende wijs Impératif

Gebiedende wijsImpératifA1

  • (jij) neem op
  • neemt u op
Deze tijd oefenen

In de grammaticagids: Gebiedende wijs

Infinitief en deelwoord Formes impersonnelles

InfinitiefInfinitifA1

  • opnemen

Voltooid deelwoordParticipe passéA1

  • opgenomen

In de grammaticagids: Voltooid deelwoord

onregelmatige vorm · spellingswijziging